Milieujaarverslag Delfzijl

Inleiding

Op de vestiging in Delfzijl wordt ruwe methyleen-difenyl-diisocyanaat (MDI) gedestilleerd ten behoeve van de polyurethaanindustrie. De productie lag in 2006 met 147.538 ton iets lager dan het recordjaar 2004 (ruim 160.000 ton).

Klimaat en energie

In 1999 heeft Dow besloten in concernverband mee te doen met het nieuwe Energie Benchmarking convenant. Deze benchmarking heeft tot doel de energie-efficiëntie van de installaties van Dow zodanig te verbeteren, dat zij zich kunnen meten met de top 10 van energiezuinige installaties. In 2005 heeft Dow intern een team opgericht dat zich heeft beziggehouden met mogelijkheden voor energiereductie. Vanuit dit team is een protocol ontwikkeld, zodat bij shutdowns van installatieonderdelen alleen nog de meest noodzakelijke apparatuur operationeel of in de stand-by stand blijft. Gedurende het verslagjaar 2006 werd op deze manier in totaal 348.000 kWh aan energie bespaard.

Ozonlaag aantastende stoffen

De emissie van ozonlaagaantastende stoffen is in 2006 toegenomen door incidentele lekverliezen van de betrokken koudemiddelen. Relatief gesproken gaat het echter om kleinere hoeveelheden. In 2006 is er in totaal 40,2 kg koelmiddelen verloren gegaan als gevolg van lekkages in de verschillende installaties. In die situaties waarbij het ging om 10 procent of meer van de totale systeeminhoud is dit gemeld aan het bevoegd gezag voor de Wet Milieubeheer: de Provincie Groningen.

Hierbij moet overigens worden aangetekend dat het in 2006 in alle gevallen om HFK’s ging. HFK’s zijn gehalogeneerde koolwaterstoffen, die de ozonlaag in mindere mate aantasten dan de chloorhoudende HCFK’s. Slechts in twee andere kleinere airco-units zijn op de vestiging in Delfzijl nog HCFK’s aanwezig. De bijdrage van de vestiging Delfzijl in deze problematiek is verwaarloosbaar. Uiterlijk in 2010 zal Dow Delfzijl volledig HCFK-vrij te zijn.

Lucht: Verzurende stoffen

De uitstoot van verzurende stoffen is bij de vestiging Delfzijl met name terug te voeren op de verbrandingsemissies (NOx) van aardgas in de procesfornuizen en de stoomketel. De vestiging neemt niet deel aan de emissiehandel, aangezien de totale capaciteit van de betrokken installaties niet uitkomt boven de minimumdrempel die voor de emissiehandel is vastgesteld.

Lucht: Vluchtige organische stoffen (VOS)

De enige vluchtige organische stof (VOS) die in relevante hoeveelheden wordt uitgestoten, is (mono-)chloorbenzeen (MCB), dat als verontreiniging al aanwezig is in de grondstof voor de MDI-fabrieken. De MCB-emissie bleef gedurende 2006 ruim binnen de daarvoor gestelde limieten.

MCB-emissie

Water

Dow heeft in 2006 62.036 m3 water afgenomen van het publieke net. Het waterverbruik hangt voor een deel samen met de productiecapaciteit, met name met het koelwaterverbruik. Het waterverbruik is in 2006 opnieuw afgenomen. Dit is terug te voeren op een andere koelwaterbehandeling sinds november 2004.

Waterverbruik

De hoeveelheid bedrijfsafvalwater die in 2006 door de vestiging Delfzijl op het oppervlaktewater (Oosterhornkanaal) werd geloosd, bedroeg 35.553 m3.

De hoeveelheid sanitair afvalwater dat via het persrioolsysteem Oosterhorn van Groningen Seaports werd afgevoerd, is berekend op 1.317 m3.

Afval

In 2006 is opnieuw veel minder chemisch afval afgevoerd. Bij de vestiging Delfzijl ligt de nadruk op bronbestrijding, ook als het gaat om het verminderen van afvalstromen.

De meeste afvalstromen verlaten in principe via erkende verwerkers de vestiging. Een klein deel kan via herverwerking opnieuw in de processen worden gebruikt. In de jaarrapportage aan het bevoegd gezag wordt onderscheid gemaakt tussen storten, nuttig hergebruik of verwerken met energieterugwinning. Dow heeft overigens geen chemisch afval gestort, wel ongeveer 180 ton grond die vrijkwam als gevolg van enkele projectactiviteiten.

Chemisch afval

Bodem

De vestiging Delfzijl deed tot 2005 mee aan het BSB-project (Bodem Sanering Bedrijfsterreinen). Het Inventariserend Onderzoek (INVO) is bij de BSB ingediend en beoordeeld. Op basis hiervan achtte de BSB het wenselijk dat binnen vijf jaar een Nader Onderzoek (NO) zou worden uitgevoerd (PR-3 score). Dit is in 2005 ingediend bij de Provincie Groningen.

In 2006 heeft de vestiging Delfzijl bij Gedeputeerde Staten van de Provincie Groningen een bodemsaneringsplan op hoofdzaken ingediend. Op 19 juli 2006 heeft Gedeputeerde Staten hiermee ingestemd.

Dow is inmiddels begonnen met een meerjarig project voor de verbetering van de bodembeschermende voorzieningen. Dit zal uiteindelijk een verwaarloosbaar bodemrisico conform de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB) opleveren.

Milieuincidenten en klachten

Gedurende het verslagjaar 2006 vonden er op de vestiging Delfzijl twee milieu-incidenten plaats (morsingen van 50 kg of meer). In beide gevallen betrof het morsingen van MDI binnen de daarvoor bestemde opvangsystemen.

Er werden geen klachten uit het publiek of van omwonenden ontvangen.

Milieuvergunningen

In 2006 zijn geen nieuwe vergunning(en) aangevraagd.

Er is in 2006 veel werk verricht en er zijn enkele bijeenkomsten met de betrokken bevoegde instanties geweest, om te komen tot een aanvraag voor een gecombineerde Wm/WVO-revisievergunning. Indienen van de aanvraag is onder meer opgehouden, doordat er een QRA (Quantitatieve Risico Analyse) in het kader van het BEVI (Besluit Externe Veiligheid Inrichtingen) moest worden uitgevoerd. Een eindconcept van de aanvraag voor een revisievergunning is inmiddels ingediend.

Milieumeldingen aan de overheid

Dow deed op 13 februari melding van het eenmalig gebruik van een dispurgeermiddel, om problemen in het thermische oliesysteem als gevolg van slibvorming op te lossen. De bijbehorende onderhouds- en reinigingswerkzaamheden vonden binnen een week plaats, na toestemming van het bevoegd gezag. Dit gebeurde overeenkomstig vastgelegde procedures en werkmethoden, die aan de toezichthouder van de Dienst Ruimte en Milieu van de Provincie Groningen ter beschikking werden gesteld.

Ongewone voorvallen

Gedurende 2006 heeft de vestiging in Delfzijl vier keer een 'ongewoon voorval' als een afwijking van de Wm-vergunningen aan de Provincie Groningen gemeld. In alle gevallen ging het om lekkages van koelmiddelen van meer dan 10 procent van de systeeminhoud. Hierover is uitgebreid schriftelijk aan het bevoegd gezag gerapporteerd. De lekkages varieerden van 0,5 tot 64,5 kg koudemiddel van het type HFK. Aangezien een van de genoemde lekkages te laat werd aangemeld bij het bevoegd gezag, ontving Dow hiervoor een bestuurlijke waarschuwing.

Inspectiebezoeken

De handhavend inspecteur voor de Wm-vergunning van de Dienst Ruimte & Milieu van de Provincie Groningen legde in 2006 twee inspectiebezoeken af. Er werden geen overtredingen geconstateerd.

Milieumetingen

Het afvalwater van Dow is in 2006 twee keer gecontroleerd, in het kader van het toezicht op de naleving van de WVO en de aan de betreffende vergunningen verbonden voorschriften. Uit het verslag van de analyseresultaten van het Waterschap bleek dat beide keren aan de lozingseisen werd voldaan.

Bouwvergunningen

Dow Delfzijl heeft in 2006 bij Burgemeester & Wethouders van de gemeente Delfzijl twee keer een bouwvergunning aangevraagd. In februari voor het realiseren van een vloeistofdichte betonvloer en in december voor het aanleggen danwel uitbreiden van het open gootsysteem en het aanleggen van een vloeistofdichte betonvloer.

Sloopvergunningen

Dow Delfzijl heeft in 2006 bij Burgemeester & Wethouders van de gemeente Delfzijl twee keer een sloopvergunning aangevraagd, ten behoeve van het verwijderen van asbesthoudende isolatie.

Millieuzorg

Milieuzorgsysteem

De voortdurende aandacht voor veiligheid, gezondheid en milieu werd ook in dit verslagjaar voortgezet.

Externe audit

Gedurende twee dagen in april 2006 heeft Lloyds een externe audit uitgevoerd ten aanzien van het Dow ODMS-managementsysteem, ISO-9001: 2000 en ISO/TS-16949:2002. Ten aanzien van het milieu werden geen afwijkingen vastgesteld.

Interne audits

Er vonden gedurende het verslagjaar 2006 enkele self-assessments en audits plaats, in het kader van het Dow ODMS en procesveiligheid, die gedeeltelijk betrekking hadden op procedures en activiteiten rondom het milieu.

BMP-4

Gezien de effectieve afwerking van de drie eerdere Bedrijfsmilieuplannen (BMP’s) zag de vestiging Delfzijl geen kans om inhoudelijke maatregelen te formuleren voor een nieuw BMP-4. Dow heeft hierover in 2006 gecommuniceerd met het bevoegd gezag en met FO-Industrie. Uiteindelijk heeft dit in 2006 geen BMP-4 opgeleverd.

Investeringen

Dow heeft in 2006 verschillende milieu-investeringen gedaan. In totaal ging het bij de diverse projecten om 632.000 euro. Het betrof de volgende projecten:

  • Project bodembeschermende voorzieningen: in het kader van het eerder met het bevoegd gezag overlegde plan van aanpak om de bodembeschermende voorzieningen op de site op een hoger niveau te brengen, zijn in het verslagjaar verschillende geplande werkzaamheden verricht. Daarnaast werden enkele maatregelen die pas in 2008 zouden plaatsvinden, vanwege de efficiëntie al in 2006 uitgevoerd. De investering bedroeg hier 385.000 euro.
  • Nieuw ventsysteem in tankpark 802: door aanpassingen vanuit een nieuw ontwerp zijn mogelijke risico’s op lekkages tot een absoluut minimum teruggebracht. De investering bedroeg hier 235.000 euro.
  • Voorbereidingen nieuw ventsysteem in tankpark 801: ook in tankpark 801 zal een nieuw ventsysteem worden gerealiseerd. De voorbereidingen hiervoor zijn in het verslagjaar gerealiseerd, de rest zal volgen in de loop van 2007. De investering bedroeg hier 12.000 euro.