Arbeidshygiëne

Arbeidshygiene

Met een uitgebreid arbeidshygiëneprogramma wil Dow blootstelling van medewerkers aan chemische stoffen, straling, geluid, en trillingen zo veel mogelijk tegengaan. Binnen het programma is ook aandacht voor ergonomie.

Chemische stoffen

Medewerkers die onbedoeld in aanraking zijn gekomen met een chemische stof of gezondheidsklachten hebben vanwege het werken met een chemische stof, kunnen terecht op het medisch spreekuur.

Bezoek aan het medisch spreekuur in verband met chemische stoffen

In 2006 kwam dit 25 keer voor, een aanzienlijke verhoging ten opzichte van eerdere jaren. Om de blootstelling aan schadelijke stoffen in kaart te brengen, voert Dow jaarlijks een groot aantal zogenaamd persoonsgebonden onderzoeken uit. Verschillende medewerkers dragen gedurende een hele dag of gedurende specifieke werkzaamheden meetapparatuur bij zich, die de stoffen registreert waar de medewerkers gedurende het werk mee in aanraking komen. In 2006 werden 1964 van dergelijke metingen uitgevoerd.

Aantal malen dat medewerkers in aanraking kwamen met te hoge concentraties chemische stoffen (alleen Terneuzen)

Uit bovenstaande grafiek blijkt dat in 2006 het 23 keer voorkwam dat een medewerker zonder de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen in aanraking kwam met een te hoge concentratie van een bepaalde chemische stof; iets minder vaak dan in 2005, maar toch nog vaker dan in de voorgaande jaren. In enkele gevallen is dit veroorzaakt door het niet goed volgen van de procedures door de betreffende medewerker. In andere gevallen bestond er voor de betreffende handeling nog geen procedure en is de uitslag van het onderzoek aanleiding om maatregelen te nemen om de situatie te verbeteren.

Benzeen

Om er zeker van te zijn dat de beschermingsmiddelen die we voorschrijven voldoende zijn, controleren we de urine van medewerkers na werkzaamheden met een potentieel verhoogde blootstelling aan benzeen. In 2006 zijn 501 urinemonsters onderzocht.

Aantal malen dat er een verhoogde uitslag was bij urine-onderzoek (alleen Terneuzen)

Uit bovenstaande grafiek blijkt dat in 2006 in 24 van deze monsters een te hoge waarde van een schadelijke stof aangetroffen is. Minder vaak dan vorig jaar, maar vaker dan voorgaande jaren. Een vergelijking tussen de jaren is complex, omdat de activiteiten waar blootstelling aan benzeen kan optreden van jaar tot jaar erg kunnen verschillen. Een vergelijking tussen de resultaten van 2002 en 2006 zegt waarschijnlijk het meest. In 2006 is net als in 2002 een turn around (‘onderhoudsstop’) van de EB/styreen3 geweest. Deze relatief oude fabriek heeft slechts beperkte voorzieningen om hem ter voorbereiding op de onderhoudsbeurt goed schoon te maken. Bij een turn around leidt dit dan ook tot een verhoogde kans op blootstelling aan benzeen. Het resultaat van de metingen voor deze fabriek laat zien dat het aantal verhoogde uitslagen in 2006 met 80 procent is afgenomen in vergelijking tot 2002, wat als een goede prestatie gezien mag worden.

Maatregelen

De training van medewerkers voor het verantwoord omgaan met chemische stoffen is in 2006 uitgebreid met een fabrieksspecifieke module. Iedere fabriek kan zo op eenvoudige wijze een op de situatie aangepaste training samenstellen.

Om de toegang tot de productveiligheids-informatiebladen te verbeteren, is in 2006 een begin gemaakt met het opnemen van deze bladen in een centrale database.

In 2006 hebben bijna alle afdelingen hun meetprogramma’s en meetresultaten in de zogenoemde ‘QEA-monitoringmodule’-database vastgelegd. De rapportage over de meetresultaten is daardoor een stuk eenvoudiger geworden.

Geluid en trillingen

Tijdens de onderhoudsstop van de ethyleen3-fabriek is geluidsisolatie aangebracht rond de aan- en afvoerleidingen van de grote compressoren. Deze investering leidde tot een aanmerkelijke verlaging van de geluidsniveaus in de fabriek.

Legionella

Om besmetting met Legionella zoveel mogelijk te voorkomen, is de procedure aangepast. Zo zijn er bijvoorbeeld betere afspraken gemaakt over de chloordoseringen. Ook is aangegeven hoe te werk gegaan moet worden als er een besmetting is geconstateerd, bijvoorbeeld wat betreft het informeren van betrokkenen.

Ergonomie

Binnen de afdeling Onderzoek & Ontwikkeling in Terneuzen zijn de ergonomische risico’s in kaart gebracht. Daarbij bleek dat 10 procent van de medewerkers te maken had met een verhoogd ergonomisch risico op de werkplek, terwijl nog eens 20 procent een of andere vorm van ongemak ondervond als gevolg van het werk. Er zijn maatregelen genomen om de situatie te verbeteren. Zo zijn alle (computer)werkplekken geïnspecteerd en waar nodig opnieuw ingericht of beter afgesteld op de gebruiker. Op een groot aantal afdelingen zijn nieuwe TFT-schermen geïntroduceerd ter vervanging van de oude beeldschermen. In de polyolefins-fabrieken is met de introductie van een met lucht aangedreven sleutel het openen van de hamerafsluiters een stuk makkelijker en minder belastend geworden.

Vooruitblik

Ook in 2007 zal het meten en de rapportage van de resultaten van metingen veel aandacht vragen. We verwachten de activiteiten rond de VOMC (verantwoord omgaan met chemische stoffen)-training en de safety datasheet database af te kunnen ronden. Ten slotte zal in 2007 een nieuwe performance indicator gelanceerd worden. Een risicoinventarisatie van alle werkplekken leidt daarbij tot een risico-getal per fabriek. Doordat per fabriek de risico’s nauwkeurig in kaart gebracht zijn, kunnen gerichte acties de risico’s reduceren of zelfs elimineren.